direct naar inhoud van Regels
Plan: Noord Zijperweg 83, Wieringerwaard
Status: vastgesteld
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1911.BPBG2006wp010-va01

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder:

1.1 plan

het wijzigingsplan 'Noord Zijperweg 83, Wieringerwaard' met identificatienummer NL.IMRO.1911.BPBG2006wp010-va01 van de gemeente Hollands Kroon.

1.2 camper

een motorvoertuig voorzien van een eigen aandrijving, dat is ingericht om in te verblijven.

1.3 wijzigingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels.

Voor de overige begrippen is artikel 1 van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2006' van toepassing.

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Artikel 2 Agrarisch

De regels van artikel 3 'Agrarische Doeleinden I', voor zover relevant voor dit wijzigingsplan, van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2006' zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3 Bedrijf - Opslag

3.1 Bouwregels

De voor 'Bedrijf - Opslag' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. inpandige bedrijfsmatige opslag van goederen;

met de daarbij behorende:

  • b. groenvoorzieningen;
  • c. openbare nutsvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding;
  • d. verkeers- en verblijfsvoorzieningen;
  • e. water.
3.2 Bouwregels

Voor het bouwen gelden de volgende regels:

3.2.1 Bedrijfsgebouwen

Ten aanzien van bedrijfsgebouwen gelden de volgende bouwregels:

  • a. bedrijfsgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak;
  • b. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan de bestaande goot- en bouwhoogte;
  • c. de dakhelling dient ten minste 15° te bedragen, dan wel de bestaande dakhelling, indien deze minder is.
3.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Ten aanzien van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende bouwregels:

  • a. de bouwhoogte van terrein- en erfafscheidingen voor de naar de weg gekeerde gevels van gebouwen mag niet meer dan 1 m bedragen;
  • b. de bouwhoogte van overige terrein- en erfafscheidingen mag niet meer dan 2 m bedragen;
  • c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 10 m bedragen.
3.3 Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik strijdig met de bestemmingsomschrijving als bedoeld in lid 3.1 wordt in ieder geval aangemerkt:

  • a. het gebruik van gronden ten behoeve seksinrichtingen en geluidzoneringsplichtige inrichtingen;
  • b. het gebruik van gronden ten behoeve van risicovolle inrichtingen;
  • c. het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen;
  • d. het gebruik van gronden en gebouwen voor horecadoeleinden;
  • e. het gebruik van gronden en gebouwen voor detailhandel anders dan productiegebonden detailhandel;
  • f. het gebruik van gronden en gebouwen ten behoeve van de opslag van goederen en materialen anders dan ter plaatse noodzakelijk voor de uitoefening van het bedrijf;
  • g. het gebruik van gronden voor het storten van puin en afvalstoffen;
  • h. het gebruik van gronden en gebouwen voor de stalling en/of opslag van (aan het oorspronkelijk gebruik) onttrokken voer-, vaar- of vliegtuigen, anders dan ter plaatse noodzakelijk voor de uitoefening van het bedrijf;
  • i. het gebruik van bijgebouwen bij bedrijfswoningen als zelfstandige woning en/of afhankelijke woonruimte;
  • j. het gebruik van bijgebouwen bij bedrijfswoningen voor bedrijfsdoeleinden.

Artikel 4 Wonen

De regels van artikel 5 'Woondoeleinden', voor zover relevant voor dit wijzigingsplan, van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2006' zijn van overeenkomstige toepassing.

In aanvulling op deze regels geldt in de bestemmingsomschrijving de volgende bepaling:

  • 1. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie – camperplaatsen' voor het plaatsen en verblijven in kampeermiddelen in de vorm van campers, waarbij het maximum aantal campers niet meer dan 5 mag bedragen.

Artikel 5 Waarde - Archeologie 3

De regels van artikel 31 'Archeologisch waardevol gebied III', voor zover relevant voor dit wijzigingsplan, van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2006' zijn van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Artikel 6 Algemene bouwregels

6.1 Parkeervoorzieningen

Een omgevingsvergunning voor het (ver)bouwen van een bouwwerk wordt slechts verleend indien in, op of onder het bouwwerk, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij het bouwwerk behoort, in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. Of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid, wordt bepaald aan de hand van het bepaalde in de ´Parkeerregeling Hollands Kroon 2018´, met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze regeling gedurende de planperiode, welke door het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld.

6.2 Afwijkingsbevoegdheid

Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.1 indien:

  • 1. het voldoen aan deze regel door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of
  • 2. op andere geschikte wijze in de nodige parkeergelegenheid wordt voorzien;
  • 3. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid, die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd;

onder de voorwaarde dat dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie ter plaatse en met inachtneming van het bepaalde in de ´Parkeerregeling Hollands Kroon 2018´, met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze regeling gedurende de planperiode.

Artikel 7 Algemene gebruiksregels

7.1 Algemeen

Tot een gebruik in strijd met dit bestemmingsplan wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijvingen, waaronder in ieder geval wordt begrepen:

  • a. het gebruiken en/of laten gebruiken van gronden als standplaats voor kampeermiddelen;
  • b. het gebruik van gronden en bebouwing ten behoeve van recreatief nachtverblijf, met uitzondering van het toegestane gebruik voor bed & breakfast.
7.2 Parkeervoorzieningen

Een omgevingsvergunning voor het uitbreiden of wijzigen van de functie van een bouwwerk wordt slechts verleend indien in, op of onder het bouwwerk, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij het bouwwerk behoort, in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. Of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid, wordt bepaald aan de hand van het bepaalde in de ´Parkeerregeling Hollands Kroon 2018´, met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze regeling gedurende de planperiode, welke door het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld.

7.3 Afwijkingsbevoegdheid

Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 7.2 indien:

  • 1. Toelichet voldoen aan deze regel door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of
  • 2. op andere geschikte wijze in de nodige parkeergelegenheid wordt voorzien;
  • 3. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid, die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd;

onder de voorwaarde dat dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie ter plaatse en met inachtneming van het bepaalde in de ´Parkeerregeling Hollands Kroon 2018´, met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze regeling gedurende de planperiode.

7.4 Strijdig gebruik

Tot een gebruik in strijd met dit bestemmingsplan wordt begrepen het gebruiken dan wel laten gebruiken van gronden of bouwwerken waarbij de parkeergelegenheid die is vereist en aangelegd op grond van artikel 6.1 of 7.2 niet in stand wordt gelaten.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Artikel 8 Slotregel

Deze regels worden aangehaald als:

Regels van het wijzigingsplan 'Noord Zijperweg 83, Wieringerwaard.