De voor ‘Waarde - Beschermwaardige houtopstand’ aangewezen gronden zijn, behalve de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor beschermwaardig houtopstand.
Een op grond van de andere daar voorkomende bestemming(en) toelaatbaar nieuw gebouw, of de uitbreiding van een bestaand gebouw, mag niet worden gebouwd.
17.2.2. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Een op grond van de andere daar voorkomende bestemming(en) toelaatbaar nieuw bouwwerk, geen gebouw zijnde, of de uitbreiding van een bestaand bouwwerk, geen gebouw zijnde, mag niet worden gebouwd.
17.3 Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend:
a.
het bevestigen van voorwerpen aan of in de boom;
b.
het plaatsen van schaftketens, toiletten, betonmolens of andere voertuigen, machines, bouwsels of (bouw)materialen in de directe nabijheid van de waardevolle boombeplanting.
Afwijken van de gebruiksregels
Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de aanwezige beschermwaardige bomen, kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van:
a.
het bepaalde in lid 17.3. sub a en b in die zin dat het gebruik van de gronden en bouwwerken overeenkomstig deze regels wordt toegestaan, mits:
1.
vooraf een boomdeskundig advies wordt ingewonnen ten aanzien van de voorgenomen werken;
2.
deze werken geen ernstige gevolgen hebben voor de levensvatbaarheid, de ruimtelijke, ecologische en monumentale betekenis van de beschermwaardige bomen.
17.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
17.5.1. Vergunningplichtige werken en werkzaamheden
Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is, ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere op deze gronden van toepassing zijnde bestemmingen, een omgevingsvergunning vereist:
a.
het ophogen en afgraven van gronden;
b.
het aanbrengen van verhardingen;
c.
het aanbrengen van ondergrondse en bovengrondse transport, energie- of telecommunicatieleidingen, en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur;
d.
h
et snoeien van takken en wortels.
Het bepaalde in lid 17.5.1. is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden welke:
a.
in het kader van het normale beheer, onderhoud en exploitatie;
b.
waarmee rechtens is of mag worden begonnen ten tijde van het onherroepelijk worden van het plan;
c.
die worden uitgevoerd ter ontwikkeling van landschaps- en natuurwaarden;
d.
als bedoeld in lid 17.5.1 onder a, voorzover het betreft het aanleggen van poelen;
e.
als bedoeld in lid 17.5.1 onder c, voor zover daarvoor een bouwvergunning is vereist.
De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien:
a.
geen onevenredige aantasting van de beschermwaardige bomen plaatsvindt, mits:
vooraf een boomdeskundig advies wordt ingewonnen ten aanzien van de voorgenomen werken.