| Plan: | Park Maashorst kamer 4 |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1991.UdenNoordfase4-VA01 |
het uitwerkingsplan Park Maashorst kamer 4 met identificatienummer NL.IMRO.1991.UdenNoordfase4-VA01 van de gemeente Maashorst.
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlage
geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;
een woning die onderdeel uitmaakt van een blok van meer dan twee aaneengebouwde woningen, niet zijnde een gestapelde woning;
gebouwerf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het gebouwerf achter het hoofdgebouw te komen, waarbij als op een perceel meer gebouwen aanwezig zijn die noodzakelijk zijn voor het verrichten van de op grond van het omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit op het perceel toegestane activiteiten of als het hoofdgebouw geen woning is, maar op het perceel wel een of meer op de grond staande woningen aanwezig zijn, voor het leggen van deze lijn bepalend is het hoofdgebouw, de woning of een van de andere hiervoor bedoelde gebouwen, waarvan de voorkant het dichtst is gelegen bij openbaar toegankelijk gebied;
De maaiveldhoogte zoals opgenomen in de Algemene Hoogtekaart Nederland;
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde;
het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of overwegend door middel van handwerk, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend; hieronder dient niet te worden begrepen de uitoefening van detailhandel;
boom met een hoge esthetische en belevingswaarde voor de directe omgeving of voor de wijk. De boom is door zijn leeftijd, omvang of verschijningsvorm onvervangbaar voor het karakter van de omgeving
een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebieden dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend; hieronder dient niet te worden begrepen de uitoefening van detailhandel;
Besluit van 25 maart 2010, houdende regels ter uitvoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Besluit omgevingsrecht), Staatsblad 2010, 143;
de grens van een bestemmingsvlak;
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming;
bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel een functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak;
een bijbehorend bouwwerk in de vorm van een gebouw dat qua afmeting en verschijningsvorm ondergeschikt is aan een op hetzelfde perceel staand hoofdgebouw;
een begroeiing die voornamelijk uit streekeigen bomen bestaat met daarbij een ondergroei van wilde bloemen, grassen en inheemse struiken;
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk;
de grens van een bouwvlak;
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten;
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.
iedere bovenbeëindiging van een gebouw;
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die de goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit;
een grondgebonden, ondergeschikte uitbouw aan (de voorgevel/zijgevel van) een woning, bestaande uit één bouwlaag met een overwegend transparante uitstraling (minimaal 50% glas aan alle gevels).
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
boven dan wel beneden en/of naast elkaar gesitueerde woningen waarbij per woning een zelfstandige toegankelijkheid gewaarborgd is;
aanduiding in het bouwvlak waarop de voorgevel van een gebouw georiënteerd dient te worden;
een gemeenschappelijke ontmoetingsplek binnen een woonproject of buurt, bedoeld om sociale samenhang te bevorderen. Het is geen permanente woonruimte, maar een gedeelde voorziening waar bewoners samenkomen voor activiteiten, vergaderingen, maaltijden of ontspanning. Logeren is toegestaan, maar het hofhuis fungeert niet als zelfstandige woning. Het beheer en gebruik worden doorgaans gezamenlijk door de bewoners georganiseerd;
gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is;
een persoon, of groep personen die een (duurzame) gemeenschappelijke huishouding voert. Indien het huishouden uit twee of meer personen bestaat, betreft het een leefvorm of samenlevingsvorm met een continuïteit in de samenstelling en een onderlinge verbondenheid.
Kenmerken van continuïteit in de samenstelling en een onderlinge verbondenheid zijn:
Kamerverhuur en bijzondere woonvormen vallen niet onder het begrip 'huishouden';
het bedrijfsmatig (nacht)verblijf aanbieden waarbij de kamerverhuurder ter plaatse het hoofdverblijf heeft;
een aaneengesloten stuk grond, die in eigendom zijn bij een of meer bewoners waarop een hoofdgebouw en eventueel bijbehorende bouwwerken zijn gesitueerd alsmede de gronden die in feitelijk opzicht zijn ingericht ten dienste van het gebruik van dat hoofdgebouw;
de aan een gebied toegekende waarde, die wordt bepaald door de waarneembare aspecten van de aanwezigheid van de onderlinge samenhang en beïnvloeding van de niet-levende en levende natuur (met inbegrip van de mens);
hieronder wordt verstaan een volledig doorzichtige erfafscheiding (met staanders / raster ter ondersteuning van het groen);
een bouwwerk zonder eigen wanden, omsloten door maximaal twee wanden en voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een carport;
plaats op of aan de straat waar je een voertuig kunt parkeren;
terrein bestemd voor het parkeren van voertuigen;
een bouwwerk zonder dak en wanden, bestaande uit palen of staanders met daarop horizontale balken. Het dient uitsluitend als constructie om klimplanten langs te laten groeien;
een woning waarbij de achtergevel gedeeld wordt met een andere woning;
een bedrijfsmatige activiteit gericht op het verrichten van seksuele handelingen en/of het verrichten van erotisch/pornografische vertoningen;
een kavel die is bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, van andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten;
een halfvrijstaande woning of geschakelde woning, waarbij geldt dat de woning slechts aan één zijde in de perceelsgrens is gebouwd;
denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de bestemmingsgrens;
woningen die door middel van de bijgebouwen met elkaar verbonden zijn en waarvan geen van beide zijgevels van het hoofdgebouw in de zijdelingse perceelgrens staan;
een woning die hoogstens door middel van de bijgebouwen met een andere woning verbonden is en waarvan geen van beide zijgevels van het hoofdgebouw in de zijdelingse perceelgrens staan;
het bewonen van een woning;
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de (nagenoeg) zelfstandige huisvesting van niet meer dan één huishouden;
een voor bewoning bestemd zijnde gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst.
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een bouwwerk, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen
de vloeroppervlakte van alle voor mensen toegankelijke ruimten binnen een gebouw
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen
tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de gemeenschappelijke scheidsmuren)
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. Overstekken van overkappingen worden meegerekend, tenzij sprake is van een ondergeschikt bouwdeel als bedoeld in 2.8.
Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, opgetrokken gevels, luifels, erkers, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 meter bedraagt
afstanden tussen bouwwerken onderling en ook afstanden van bouwwerken tot erfscheidingen worden daar gemeten, waar deze afstanden het kleinst zijn
De voor 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
waarbij het bepaalde in artikel 17 van toepassing is;
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en veldschuren buiten het bouwvlak gelden de volgende regels:
| Soort bouwwerk | Max goothoogte | Max bouwhoogte | Max opp/inh | Overige regels |
| erf- en terreinafscheidingen | 2 m | de bouwhoogte voor de voorgevel van de bedrijfswoning bedraagt max.1 m | ||
| kleine bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die noodzakelijk zijn uit een dagrecreatief medegebruik, zoals informatiepanelen, zitbanken en schuilgelegenheden | 2.5 m | 15 m2 per bouwwerk |
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan:
Het bevoegd gezag kan middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in:
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in de bestemming 'Agrarisch met waarden - Natuur- en landschapswaarden' ten behoeve van behoud en/of ontwikkeling van landschaps- en/of natuurwaarden'.
De voor "Bos" aangewezen gronden zijn bestemd voor:
met daaraan ondergeschikt:
Op de in lid 4.1 genoemde gronden mogen geen gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde worden gerealiseerd, met uitzondering van:
Teneinde te komen tot een zorgvuldige inpassing en de instandhouding van het hoogopgaand groen dienen, binnen één jaar na gereedmelding van het hoofdgebouw, de gronden te zijn ingericht en ingericht te blijven overeenkomstig een door burgemeester en wethouders geaccordeerd beplantingsplan.
Ter voorkoming van onevenredige aantasting van hoogopgaande houtstructuren, is het verboden, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning op en in de in lid 4.1 bedoelde gronden de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden uit te (laten) voeren:
De werken en werkzaamheden als bedoeld in lid 4.4.1 zijn slechts toelaatbaar, indien:
De voor "Groen - 1" aangewezen gronden zijn bestemd voor:
met daaraan ondergeschikt;
Op de in lid 5.1 genoemde gronden mogen geen gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde worden gerealiseerd:
De voor "Groen - 2" aangewezen gronden zijn bestemd voor:
met daaraan ondergeschikt:
Op de in lid 6.1 genoemde gronden mogen geen gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde worden gerealiseerd:
De voor 'Groen - Landschapselement' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
waarbij het bepaalde in artikel 17 van toepassing is;
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van bepaalde in 7.2 onder b voor het realiseren van eenvoudige voorzieningen voor extensief recreatief medegebruik, in de vorm van bouwwerken, geen gebouwen zijnde met een hogere bouwhoogte tot 8 m, waarbij de in de bestemmingsomschrijving aangegeven waarden niet onevenredig mogen worden aangetast.
Binnen deze bestemming is een omgevingsvergunning vereist om de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het in 7.5.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke:
De in 7.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van het groen, de landschapselementen en de bijbehorende groeiplaats, landschappelijke waarden en natuurwaarden, zoals brede landschappelijke structuren.
De voor "Verkeer'' aangewezen gronden zijn bestemd voor;
Ten behoeve van de in lid 8.1 genoemde doeleinden mogen, met inachtneming van de in lid 8.2.2 tot en met 8.2.3 genoemde regels, de daarbij behorende gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde worden gerealiseerd.
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde geldt dat de bouwhoogte van;
De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
waarbij het bepaalde in artikel 17 van toepassing is;
Op de voor 'Water' aangewezen gronden mogen uitsluitend gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde worden gebouwd, die ten dienste staan van de bestemming.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in 9.2.2 onder a voor het realiseren van eenvoudige voorzieningen voor extensief recreatief medegebruik, in de vorm van bouwwerken, geen gebouwen zijnde met een hogere bouwhoogte tot 8 m, waarbij de in de bestemmingsomschrijving aangegeven waarden niet onevenredig mogen worden aangetast en de belangen van derden niet onevenredig worden geschaad .
Binnen deze bestemming is een omgevingsvergunning vereist om de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het in 9.5.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke:
De in 9.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de landschappelijke en natuurwaarden van de gronden.
Alvorens te beslissen over het verlenen van een omgevingsvergunning wint het bevoegd gezag advies in bij de waterbeheerder, voor zover de afweging mede betrekking heeft op hydrologische waarden.
De voor "Wonen" aangegeven gronden zijn bestemd voor:
met de daarbij behorende
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen:
| Maatvoeringseisen | Eis |
| maximale oppervlakte op bouwpercelen tot en met 500 m2 | 50 m², mits het deel van het bouwperceel achter de achterste bouwgrens voor niet meer dan 50% is dan wel wordt bebouwd |
| maximale oppervlakte op bouwpercelen groter dan 500 m2 | 50 m², vermeerderd met 10% van de oppervlakte van het bouwperceel boven de 500 m² tot een maximum van 100 m², mits het deel van het bouwperceel achter de achterste bouwgrens voor niet meer dan 50% is dan wel wordt bebouwd |
| maximale goothoogte vrijstaande bijbehorende bouwwerken | 3 meter |
| maximale bouwhoogte vrijstaande bijbehorende bouwwwerken | 5 meter en verder begrensd door de formule: maximale bouwhoogte [m] = (afstand maximale hoogte tot de perceelsgrens [m] x 0,47) + 3 |
| maximale goothoogte voor aan het hoofdgebouw aangebouwde bijbehorende bouwwerken tot 4 meter afstand van het hoofdgebouw | 3,30 meter |
| maximale bouwhoogte voor aan het hoofdgebouw aangebouwde bijbehorende bouwwerken tot 4 meter afstand tot het hoofdgebouw | 5 meter en verder begrensd door de formule: maximale bouwhoogte [m] = (afstand maximale hoogte tot de perceelsgrens [m] x 0,47) + 3,30 |
| Situeringseisen | Eis |
| minimale afstand bijgebouw tot de voorgevelrooilijn | 5 m |
| minimale afstand overkapping tot de voorgevelrooilijn | 1 m |
Voor het bouwen van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
de zijkanten liggen meer dan 0,5 meter van de zijkanten van het dakvlak.
Binnen de bestemming "Wonen" is de uitoefening van beroepsmatige activiteiten aan huis toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende regels van toepassing zijn:
Van het totaal aantal woningen dienen onderstaande percentages minimaal in gebruik genomen te worden ten behoeve van onderstaande doelgroepen en als zodanig in stand te worden gehouden:
Zoals opgenomen in de Doelgroepenverordening Maashorst en dat indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging.
Gebruik van het perceel conform de bestemming Wonen" is alleen toegestaan indien op gronden met de bestemming "Groen - 1" als bedoeld in artikel 5 op hetzelfde bouwperceel voor minimaal het onderstaand genoemde percentage van de bestemming "Groen - 1" onverhard is en als zodanig in stand wordt gehouden:
Gebruik van het perceel conform de bestemming "Wonen" is alleen toegestaan indien de landschappelijke inpassing zoals opgenomen in Bijlage 1 maximaal 24 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan is voltooid en vervolgens aldus in stand wordt gehouden.
Gebruik van het perceel conform de bestemming "Woongebied" is alleen toegestaan indien binnen de aanduiding 'specifieke vorm van Groen 2 - grondwal' en 'specifieke vorm van Bos - grondwal' de aanleg van een grondwal is voltooid en vervolgens aldus in stand wordt gehouden.
In aanvulling op het bepaalde in artikel 10.2 is het ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaarde bouwen' alleen toegestaan een woning te bouwen, te gebruiken en in stand te houden onder de voorwaardelijke verplichting dat er voldaan wordt aan de eisen zoals gesteld in het besluit hogere grenswaarde zoals opgenomen in bijlage 2.
Alvorens de gronden in gebruik genomen worden voor de functies als bedoeld in artikel 10.1 dient voldaan te worden aan de volgende voorwaarden:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 10.1 voor de uitoefening van nieuwe bedrijfsmatige activiteiten in het hoofd- of bijgebouw, met dien verstande dat:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 10.1 onder a, met inachtneming van de volgende regels:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 10.3.2 onder a onder 7 voor het gebruiken van verblijfsruimten voor de huisvesting van internationale werknemers, mits één en ander past binnen de gestelde randvoorwaarden en uitgangspunten die zijn gesteld in de 'Uitvoeringsregels huisvesting van internationale werknemers', die op 3 april 2025 is vastgesteld door de gemeenteraad van Maashorst, of haar rechtsopvolger.
De voor Wonen - vrijstaand aangewezen gronden zijn bestemd voor de volgende doeleinden:
met de daarbij behorende
| Maatvoeringseisen | Eis |
| maximale oppervlakte op bouwpercelen tot en met 500 m2 | 50 m², mits het deel van het bouwperceel achter de achterste bouwgrens voor niet meer dan 50% is dan wel wordt bebouwd |
| maximale oppervlakte op bouwpercelen groter dan 500 m2 | 50 m², vermeerderd met 10% van de oppervlakte van het bouwperceel boven de 500 m² tot een maximum van 100 m² |
| maximale goothoogte vrijstaande bijbehorende bouwwerken | 3 meter |
| maximale bouwhoogte vrijstaande bijbehorende bouwwwerken | 3 meter |
| Situeringseisen | Eis |
| minimale afstand bijgebouw tot de voorgevelrooilijn | 5 m |
| minimale afstand overkapping tot de voorgevelrooilijn | 1 m |
Voor het bouwen van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
de zijkanten liggen meer dan 0,5 meter van de zijkanten van het dakvlak.
Gebruik van ruimten binnen de woning en daar bij behorende bijgebouwen ten behoeve van de uitoefening van beroepsmatige of bedrijfsmatige activiteiten in een woning, wordt als gebruik overeenkomstig de bestemming aangemerkt voor zover dit gebruik ondergeschikt blijft aan de woonfunctie en mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
Minimaal 40% per bouwperceel dient als bos en/of groen te worden ingeplant en instandgehouden, met dien verstande dat de oppervlakte bos en groen die wordt aangeplant op gronden met de bestemming "Bos" en "Groen - 1" als bedoeld in artikel 4 en artikel 5 hierop in mindering mag worden gebracht.
Gebruik van het perceel conform de bestemming Wonen - vrijstaand is alleen toegestaan indien de landschappelijke inpassing zoals opgenomen in Bijlage 1 maximaal 24 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan is voltooid en vervolgens aldus in stand wordt gehouden.
Gebruik van het perceel conform de bestemming Wonen - vrijstaand is alleen toegestaan indien op gronden met de bestemming Groen - 1 als bedoeld in artikel 5 op hetzelfde bouwperceel voor minimaal 60% van de bestemming Groen - 1 onverhard is en als zodanig in stand wordt gehouden.
Alvorens de gronden in gebruik genomen worden voor de doeleinden als bedoeld in artikel 11.1 dient voldaan te worden aan de volgende voorwaarden:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 11.1 voor de uitoefening van nieuwe bedrijfsmatige activiteiten in het hoofd- of bijgebouw, met dien verstande dat:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 11.1 onder a, met inachtneming van de volgende regels:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 11.3.3 onder a onder 7 voor het gebruiken van verblijfsruimten voor de huisvesting van internationale werknemers, mits één en ander past binnen de gestelde randvoorwaarden en uitgangspunten die zijn gesteld in de 'Uitvoeringsregels huisvesting van internationale werknemers', die op 3 april 2025 is vastgesteld door de gemeenteraad van Maashorst, of haar rechtsopvolger.
De voor ''Woongebied'' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
met daarbij behorende:
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels:
| Situeringseisen | vrijstaande woning | halfvrijstaande woning | geschakelde woning | aaneengebouwde woning | gestapelde woning | rug aan rug woning | |
| voorgevel in of op een maximale afstand tot voorgevelrooilijn | 2 m | 2 m | 2 m | 2 m | 2 m | 2 m | |
| minimale afstand tot zijdelingse perceelsgrens bij bouwpercelen met een breedte van 35 m of minder | 3 m aan beide zijden | 3 m aan één zijde | 3 m aan één zijde | - | - | - | |
| minimale afstand tot zijdelingse perceelsgrens bij bouwpercelen met een breedte van 35 m of meer | 5 m aan beide zijden | - | - | - | - | - | |
| minimale afstand tot achterste perceelsgrens | 10 m | 10 m | 10 m | 10 m | - | - | |
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
de zijkanten liggen meer dan 0,5 meter van de zijkanten van het dakvlak.
Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 12.2.2 ten behoeve van een andere situering van bijbehorende bouwwerken op het bouwperceel of het bouwen van bijbehorende bouwwerken in een gezamenlijke buitenruimte, mits:
De uitoefening van beroepsmatige activiteiten aan huis is toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende regels van toepassing zijn:
Van het totaal aantal woningen dienen onderstaande percentages minimaal in gebruik genomen te worden ten behoeve van onderstaande doelgroepen en als zodanig in stand te worden gehouden:
Zoals opgenomen in de Doelgroepenverordening Maashorst en dat indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging.
Gebruik van het perceel conform de bestemming Woongebied is alleen toegestaan indien op gronden met de bestemming Groen - 1 als bedoeld in artikel 5 op hetzelfde bouwperceel voor minimaal het onderstaand genoemde percentage van de bestemming Groen - 1 onverhard is en als zodanig in stand wordt gehouden:
Gebruik van het perceel conform de bestemming Woongebied is alleen toegestaan indien de landschappelijke inpassing zoals opgenomen in Bijlage 1 maximaal 24 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan is voltooid en vervolgens aldus in stand wordt gehouden.
Gebruik van het perceel conform de bestemming Woongebied is alleen toegestaan indien binnen de aanduiding 'specifieke vorm van Groen 2 - grondwal' en 'specifieke vorm van Bos - grondwal' de aanleg van een grondwal is voltooid en vervolgens aldus in stand wordt gehouden.
Alvorens de gronden in gebruik genomen worden voor de doeleinden als bedoeld in artikel 12.1 dient voldaan te worden aan de volgende voorwaarden:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 12.1 voor de uitoefening van nieuwe bedrijfsmatige activiteiten in het hoofd- of bijgebouw, met dien verstande dat:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 12.4.1 onder b voor de uitoefening van beroepsmatige activiteiten in dat deel van het hoofd- of bijgebouw dat ondergronds is gelegen, met dien verstande dat:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 12.1 onder a, met inachtneming van de volgende regels:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 12.4.2 onder a onder 7 voor het gebruiken van verblijfsruimten voor de huisvesting van internationale werknemers, mits één en ander past binnen de gestelde randvoorwaarden en uitgangspunten die zijn gesteld in de 'Uitvoeringsregels huisvesting van internationale werknemers', die op 3 april 2025 is vastgesteld door de gemeenteraad van Maashorst, of haar rechtsopvolger.
De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen.
Op of in deze gronden mogen ten behoeve van de andere daar voorkomende bestemmingen geen gebouwen worden gebouwd, met uitzondering van:
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren:
Het bepaalde in 13.4.1 is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die:
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens de elders in deze regeling opgenomen afwijkingen, de volgende regels:
Het bevoegd gezag kan in afwijking van het bepaalde in 15.1 onder c een omgevingsvergunning verlenen voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken met een ondergrondse bouwdiepte van maximaal 6 m onder peil onder de voorwaarden dat:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van de bebouwingsregels binnen het bouwvlak, ten aanzien van de maximale goothoogte en maximale dakhelling, en platte afdekkingen, dakvlakken met een helling van minder dan 40o en rechtopstaande gevelconstructies, met dien verstande dat:
Ten behoeve van schilisolatie is het toegestaan om met maximaal:
Op een perceel is ten hoogste 1 niet-overdekt zwembad toegestaan, met inachtneming van de volgende regels:
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan:
Het is ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - oude akker' verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het in 17.3.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke:
De in 17.3.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de in de cultuurhistorische waarden.
Ter plaatse van de aanduiding ‘vrijwaringszone –radar’ mag de bouwhoogte van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet meer bedragen dan 49 m + NAP oplopend met 4,3 meter per kilometer vanaf de radarantenne. Indien de bouwhoogte van een gebouw of bouwwerk, geen gebouw zijnde, op het moment van de terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan groter is dan 49 m + NAP, dan geldt deze bouwhoogte als de maximale bouwhoogte.
Op de gronden ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - vogelbeheersgebied' is een grondgebruik of een bestemming binnen de volgende categorieën niet toegestaan, uitgezonderd de bestaande situatie:
Indien niet op grond van een andere bepaling van deze regels een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken, is het bevoegd gezag bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van de desbetreffende regels van het plan voor:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van verduurzamingsmaatregelen:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening, het plan te wijzigen door:
Bij de toetsing van het verlenen van omgevingsvergunningen voor het afwijken en het wijzigen van het plan, dienen onderstaande criteria mede als toetsingskader te worden gebruikt:
Ten aanzien van de stedenbouwkundige en beeldkwaliteit kan rekening gehouden worden met de volgende aspecten:
Deze regels kunnen worden aangehaald als "Regels bestemmingsplan Park Maashorst kamer 4".